Een koffer vol wantrouwen


De rode koffer van Erich Mielke is meer dan een curieus museumstuk. Hij is een stilzwijgend bewijs van wat er gebeurt wanneer een staat zijn burgers systematisch wantrouwt en tegelijkertijd zijn eigen machthebbers niet vertrouwt. In januari 1990 vond de militaire aanklager in het voormalige hoofdkwartier van de Staatssicherheit een rode kunstlederen koffer. Daarin zaten justitiële stukken uit de nationaalsocialistische tijd over Erich Honecker, latere analyses daarvan en documenten uit diens persoonlijke omgeving. Materiaal dat belastend genoeg was om, zo vermoedde de aanklager destijds, in een ¨ersntgeval¨ tegen de partijleider te worden ingezet. Of Mielke het ooit daadwerkelijk als chantageinstrument heeft gebruikt, weten we niet. Dat hij het bewaarde, zegt al genoeg over de sfeer aan de top van de DDR.
De jonge communist en de nazi-gevangenis
Wie was die Honecker? In de jaren dertig was hij een actieve functionaris van de communistische jeugdbeweging. Na de machtsovername door de nationaalsocialisten organiseerde hij illegale activiteiten. In december 1935 werd hij door de Gestapo gearresteerd en in 1937 door het Volksgerichtshof tot tien jaar tuchthuis veroordeeld wegens voorbereiding tot hoogverraad. Hij zat tot 1945 in Brandeburg-Görden. De dossiers in de koffier laten zien dat hij onder verhoor belastende verklaringen over medestrijders aflegde en dat er gratieverzoeken circuleerden waarin hij - via zijn vader - zou hebben laten weten dat hij het communisme had afgezworen en bereid was voor het toemalige regime te vechten. De officiele partijgeschiedenis schilderde hem later af als onwrikbare antifasicistische held. De papieren in de koffer pasten slecht in dat beeld en maaktenn hem kwetsbaar.
Van gevangene tot bouwer van de muur
Na 1945 steeg Honecker snel. Hij bouwde de Frei Deutsche Jugend op, werd verantwoordelijk voor veiligheidszaken en organiseerde in 1961 de bouw van de Berlijnse Muur. Van 1971 tot 1989 was hij de machtigste man van de DDR: partijleider van de SED en vanaf 1976 ook staatshoofd. Onder zijn bewind werd de grens met dodelijk geweld bewaakt. De Stasi tot een alomtegenwoordige controlemachine uitgebouwd en elke serieuze oppositie systematisch onderdrukt. De man die zelf jaren in een nazi-gevangenis had doorgebracht, bouwde later een eigen systeem van gevangenissen, afluisterpraktijken en grensdoden. En de man die over dat systeem waakte, Mielke, vond het nodig om belastend materiaal over zijn eigen chef te bewaren.
Macht zonder tegenwicht
Precies hier zit de ironie die de koffer blootlegt. In een ordening waarin macht niet wordt begrensd door onafhankelijke rechters, vrije media of open debat, wordt wantrouwen de enige echte valuta. Wie de dossiers beheert, bezit een vorm van macht die niet meer democratisch te noemen is. En wie die macht bezit, gaat er vroeg of laat van uit dat hij haar ook tegen concurrenten binnen de eigen gelederen moet kunnen gebruiken. Zo wordt de geheime dienst niet alleen een instrument van onderdrukking naar buiten, maar ook van onderlinge afrekening naar binnen. De koffer is het tastbare bewijs van die logica.
Waarom openbaarheid geen luxe is
Dat is precies waarom openbaarheid en institutionele begrenzing van macht geen luxe zijn, maar de enige serieuze bescherming tegen dit soort spellen. Een samenleving die de overheid dwingt zich te verantwoorden, die dossiers niet in koffers laat verdwijnen en die de macht om te controleren zelfs onder controle houdt, maakt zwarte koffers overbodig. Niet omdat mensen opeens engelen worden, maar omdat de prikkel om elkaar met geheime dossiers te gijzelen verdwijnt wanneer die dossiers niet meer in een hand mogen belanden. De vraag of Mielke de koffer vooral als verzameling, zelfbescherming of drukmiddel bewaarde, is interessant, maar secundair. Belangrijker is de les die eruit volgt: zodra een staat zichzelf het recht toe-eigent om over het leven van zijn burger te beschikken zonder effectieve tegenmacht, ontstaat er een klimaat waarin zelfs de hoogste functionarissen elkaar niet meer vertrouwen. En in zo´n klimaat is vrijheid altijd de eerste verliezer.
Een bezoek dat loont
Diezelfde rode koffer staat vandaag in het Stasi-museum in Berlijn, in het voormalig hoofdkwartier aan de Normannenstraße. Wie de DDR en de mechanismen van onbegrensde macht echt wil begrijpen, moet hem daar met eigen ogen zien. Het is een absolute aanrader.




Comments